ECLI:NL:CRVB:2005:AS3356
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- A.B.J. van der Ham
- S.W. van Osch-Leysma
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsuitkering wegens onjuiste woonadresverstrekking
Appellant heeft op 26 juli 2001 een bijstandsuitkering aangevraagd bij het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam. Deze aanvraag werd op 21 augustus 2001 afgewezen omdat appellant onjuiste informatie had verstrekt over zijn woonadres. Uit onderzoek, waaronder een huisbezoek op 9 augustus 2001 en verklaringen tijdens een hoorzitting op 2 november 2001, bleek dat appellant niet daadwerkelijk woonde op het opgegeven adres.
De woning was gedurende de zomer van 2001 afgesloten van gas en elektra en appellant beschikte niet over een sleutel, had geen persoonlijke eigendommen in de woning en er was geen bed aanwezig in zijn kamer. Zijn persoonlijke bezittingen bevonden zich bij zijn toenmalige echtgenote. Hierdoor kon de gemeente niet vaststellen of appellant recht had op bijstand.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellant niet heeft voldaan aan zijn inlichtingenplicht zoals bedoeld in artikel 65 van Pro de Algemene bijstandswet en bevestigt de afwijzing van de bijstandsaanvraag. Tevens wijst de Raad een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt terecht afgewezen wegens het verstrekken van onjuiste informatie over het woonadres.