ECLI:NL:CRVB:2005:AS3979
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Ch. J.G. Olde Kalter
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld op grond van Ziektewet na mislukte hervatting aangepaste functie
Appellant, werkzaam als scheerder/sterker, meldde zich ziek wegens rugklachten en werd medisch onderzocht in het kader van de WAO. Ondanks pogingen tot hervatting in een aangepaste functie, die uiteindelijk mislukten, werd hij op grond van artikel 29 Ziektewet Pro per 1 september 1999 geen ziekengeld meer toegekend. De maatstaf voor arbeid werd niet de aangepaste functie, maar de in het kader van de WAO-schatting geselecteerde functies.
Appellant voerde aan dat zijn beperkingen werden onderschat en dat hij wel in de aangepaste functie werkte, maar de Raad concludeerde dat de medische beoordeling en de eerdere uitspraak van de rechtbank juist waren. De Raad achtte appellant medisch in staat om de geselecteerde functies te vervullen en vond geen aanleiding om de medische grondslag van de WAO-schatting te wijzigen.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, waarmee de weigering van ziekengeld in stand bleef. De procedure omvatte diverse medische rapportages, bezwaar- en beroepsprocedures, waarbij ook psychische klachten en fibromyalgie werden betrokken, maar deze leidden niet tot een ander oordeel.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van ziekengeld per 1 september 1999 wegens mislukte hervatting in aangepaste functie en medische geschiktheid voor geselecteerde functies.