ECLI:NL:CRVB:2005:AS4855
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- A. Beuker-Tilstra
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep bevestigt geen aanspraak op ADV bij 33-urige werkweek defensie
De zaak betreft een burgerambtenaar werkzaam als telegrafist bij defensie met een werkweek van 33 uur vanwege bedrijfsgeneeskundige redenen. Sinds 1 januari 1985 gold voor deze groep een regeling van arbeidsduurverkorting (ADV). Na invoering van het Burgerlijk Ambtenarenreglement Defensie (Bard) en wijziging van de arbeidsduurverkortingsregelingen, werd vanaf 1 januari 1999 de ADV voor ambtenaren met een kortere werkweek ingetrokken.
De appellant, Staatssecretaris van Defensie, stelde dat de aanspraak op ADV terecht was ingetrokken, terwijl de rechtbank Zwolle eerder de vernietiging van de besluiten op bezwaar had bevolen vanwege een onbevoegdheidsgebrek en bezwaren over rechtszekerheid. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de bezwaren tegen de besluiten ontvankelijk waren en dat de intrekking van de ADV niet in strijd was met rechtszekerheid of artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De Raad stelde vast dat de beleidsregel arbeidsduurverkorting geen uitzonderingsbepalingen bevat voor ambtenaren met een bijzondere kortere werkweek en dat appellant niet gehouden was nader onderzoek te doen naar arbeidsomstandigheden. De eerdere vernietiging van de besluiten werd vernietigd en de rechtsgevolgen van die besluiten werden in stand gelaten conform artikel 8:72, derde lid, Awb.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van de besluiten tot intrekking van de ADV per 1 januari 1999 blijven in stand.