ECLI:NL:CRVB:2005:AS5294
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzet wegens niet tijdige betaling griffierecht in hoger beroep sociale zekerheid
Opposante stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Zwolle in een sociale zekerheidszaak. De Raad verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald. Opposante kwam hiertegen in verzet.
Tijdens de zitting verscheen opposante persoonlijk, maar geopposeerde was niet vertegenwoordigd. De Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het verzet en stelde vast dat het griffierecht pas na de uiterste betaaldatum was voldaan. Ondanks meerdere aanmaningen en termijnen heeft opposante geen verzetsgronden ingediend.
De persoonlijke en financiële omstandigheden van opposante en haar onwetendheid over de gevolgen van het niet tijdig betalen, werden door de Raad niet als verontschuldigende redenen erkend. Daarom werd het verzet niet-ontvankelijk verklaard conform artikel 21 van Pro de Beroepswet en artikel 8:55 Awb Pro.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late betaling van het griffierecht en het niet indienen van verzetsgronden.