ECLI:NL:CRVB:2005:AS5938
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herzieningsverzoek WAO-besluit en niet-ontvankelijkheid beroep WW-besluit
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) waarbij hem geen WAO-uitkering werd toegekend vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Tevens werd beroep ingesteld tegen een WW-besluit dat een verlaging van zijn WW-uitkering betrof.
De Raad overwoog dat het bestuursorgaan bevoegd is een verzoek tot herziening van een eerder besluit inhoudelijk te behandelen, maar dat toetsing aan de oorspronkelijke afwijzing beperkt moet blijven tot de vraag of er sprake is van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden. Het door appellant aangevoerde auto-ongeval vond plaats vóór het oorspronkelijke besluit en kan daarom niet als nieuw feit worden aangemerkt.
Daarnaast verklaarde de rechtbank het beroep tegen het WW-besluit niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang, hetgeen door de Raad werd bevestigd. Het hoger beroep van appellant werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van het WAO-besluit wordt afgewezen en het beroep tegen het WW-besluit is niet-ontvankelijk verklaard.