ECLI:NL:CRVB:2005:AS7577
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- M.I.’t Hooft
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Belastingteruggave als inkomen bij bijstandsverlening en verrekening verwervingskosten
De zaak betreft een geschil tussen het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam en een bijstandsgerechtigde over de vraag of een ontvangen belastingteruggave moet worden gerekend tot de middelen van betrokkene.
Gedaagde en zijn echtgenote ontvingen bijstand en mochten werkzaamheden verrichten met behoud van uitkering. De inkomsten uit deze werkzaamheden werden jaarlijks definitief vastgesteld. Appellant had bij besluit de belastingteruggave over 1997 deels als inkomen aangemerkt, wat leidde tot een beperkte bijstandsnabetaling. Gedaagde maakte bezwaar en stelde dat de belastingteruggave niet tot de middelen behoort omdat deze betrekking heeft op verwervingskosten die niet tot de algemeen noodzakelijke bestaanskosten behoren.
De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond en vernietigde het besluit, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak. De Raad stelt vast dat appellant de verwervingskosten in mindering heeft gebracht op het inkomen, waardoor de belastingteruggave als inkomen moet worden beschouwd. De Raad vernietigt het besluit van 14 juli 2000 en het daaropvolgende besluit van 12 oktober 2001 en neemt zelf een nieuw besluit waarbij het inkomen wordt verhoogd met het aan de periode toe te rekenen bedrag aan belastingteruggave. Tevens wordt de gemeente Amsterdam veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Belastingteruggave over verwervingskosten wordt als inkomen gerekend en leidt tot bijstandsnabetaling.