ECLI:NL:CRVB:2005:AS9541
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- H.J. de Mooij
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen herziening bijstandsuitkering
Appellant ontving van april 1999 tot juli 2000 een bijstandsuitkering. Het College van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen herzag en trok deels de bijstand over oktober 1999 tot april 2000 in, vorderde een bedrag terug en legde een boete op. Appellant diende een ongedateerd bezwaarschrift in dat onduidelijk was gericht tegen welk besluit het bezwaar zich richtte. De gemeente verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens het niet tijdig indienen van de gronden van het bezwaar.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep oordeelt de Raad dat het bezwaar niet duidelijk gericht is tegen een besluit en dat het bezwaarschrift te laat is ingediend zonder verschoonbare omstandigheden. De brief van 3 augustus 2001, genoemd in het bezwaar, is geen besluit en het bezwaar tegen het besluit van 23 juli 2001 is te laat ingediend.
De Raad bevestigt daarom de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar en de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het bezwaarschrift is terecht niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.