ECLI:NL:CRVB:2005:AT0824
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening WW-uitkering wegens vermeende toegenomen zelfstandige werkzaamheden
Appellant verzocht om herziening van een eerder genomen besluit tot herziening van zijn WW-uitkering, omdat hij stelde dat hij ten onrechte zelfstandigenaftrek had geclaimd over de jaren 1996 en 1997. De belastingdienst had deze aftrek teruggedraaid, waarop appellant meende dat het UWV ook zijn besluit tot herziening van de WW-uitkering moest herzien.
De Raad overwoog dat het eerdere besluit van 9 augustus 2000 in rechte onaantastbaar was geworden en dat voor terugkomen op een eerder besluit nieuwe feiten of veranderde omstandigheden moeten worden aangevoerd. Appellant had echter al bij bezwaar tegen het oorspronkelijke besluit aangevoerd dat de zelfstandigenaftrek ten onrechte was geclaimd. De terugdraaing van de aftrek door de belastingdienst was zonder onderzoek en kon daarom niet worden gezien als nieuw feit dat het eerdere besluit zou rechtvaardigen.
De Raad concludeerde dat het verzoek tot herziening niet slaagde en bevestigde het bestreden besluit. Er werden geen proceskosten toegekend. De uitspraak werd gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 9 maart 2005.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van het besluit tot herziening van de WW-uitkering wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.