ECLI:NL:CRVB:2005:AT3069
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Weigering arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens niet-verzekerd zijn onder Canadese pensioenwetgeving
Appellant, geboren in 1937, werkte in Nederland tot 1969 en verhuisde daarna naar Canada waar hij als zelfstandige werkte. Hij vroeg in 1999 een Nederlandse arbeidsongeschiktheidsuitkering aan wegens arbeidsongeschiktheid die in 1992 ontstond. Gedaagde stelde vast dat appellant in 1992 geen bijdragen betaalde aan het Canada Pension Plan (CPP), wat volgens het Verdrag tussen Nederland en Canada een vereiste is voor aanspraak op Nederlandse uitkering.
Appellant voerde aan dat hij verzekerd was via de Workers Compensation Board (WCB) van British Columbia, maar de Raad oordeelde dat deze verzekering niet onder het CPP valt zoals bedoeld in het Verdrag. Ook kon appellant geen rechtmatig vertrouwen ontlenen aan een eerdere brief waarin een geprorateerde uitkering werd genoemd, omdat daarin een duidelijk voorbehoud was opgenomen.
De Raad bevestigde het besluit van gedaagde om de uitkering te weigeren en verwierp het hoger beroep. De uitspraak benadrukt dat alleen personen die verzekerd zijn onder het CPP of de daaraan verbonden regelingen aanspraak kunnen maken op een Nederlandse arbeidsongeschiktheidsuitkering volgens het Verdrag.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens het ontbreken van verzekering onder het Canada Pension Plan op het moment van arbeidsongeschiktheid.