ECLI:NL:CRVB:2005:AT3089
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van gedifferentieerde premie WAO gebaseerd op toekenning arbeidsongeschiktheidsuitkering ex-werknemer
Appellante maakte bezwaar tegen de vaststelling van de gedifferentieerde premie ingevolge de WAO, welke mede gebaseerd was op een aan een ex-werknemer toegekende WAO-uitkering. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond of niet-ontvankelijk, waarna hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep werd ingesteld.
De Raad overwoog dat de werkgever als belanghebbende het recht heeft om de toekenning en voortzetting van een WAO-uitkering aan een (ex-)werknemer aan de rechter voor te leggen. Artikel 87e van de WAO vormt geen belemmering voor dit beroepsrecht, maar voorkomt alleen dat dezelfde rechtsvragen herhaaldelijk aan de orde worden gesteld.
Appellante stelde dat artikel 87e WAO haar verhindert klachten over reïntegratie-inspanningen en keuringen aan de rechter voor te leggen, maar de Raad stelde vast dat deze activiteiten betrekking hebben op de periode vóór de ingangsdatum van de uitkering en niet op de vaststelling van de arbeidsongeschiktheid zelf.
Verder verwierp de Raad het beroep op het willekeurverbod en het gelijkheidsbeginsel, omdat niet alle geschetste situaties zich voordoen en er geen ongelijke behandeling is tussen verschillende groepen werkgevers.
De Raad bevestigde de eerdere uitspraken en wees het beroep van appellante af, waarmee de gedifferentieerde premie en de toekenning van de WAO-uitkering standhouden.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vaststelling van de gedifferentieerde premie WAO en wijst het beroep van appellante af.