ECLI:NL:CRVB:2005:AT3820
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- C. van Viegen
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor brilkosten wegens passende voorliggende voorziening
Appellant verzocht bijzondere bijstand voor de kosten van een bril nadat hij via zijn aanvullende ziektekostenverzekering een maximale vergoeding had ontvangen die niet toereikend was voor de volledige aanschafprijs.
De gemeente Amsterdam wees het verzoek af omdat de vergoeding van de aanvullende verzekering werd beschouwd als een passende en toereikende voorliggende voorziening in de zin van de Algemene bijstandswet (Abw). De rechtbank Amsterdam bevestigde dit besluit, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat de vergoeding van de aanvullende verzekering gebaseerd is op maximumbedragen die verzekerden in staat stellen de kosten van montuur en glazen te dekken. Appellant had geen objectieve medische gegevens overlegd die een uitzondering rechtvaardigen. Daarom zijn er geen zeer dringende redenen om af te wijken van het beleid. De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees het hoger beroep af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bijzondere bijstand voor de brilkosten wordt niet toegekend.