ECLI:NL:CRVB:2005:AT4811
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- T. Hoogenboom
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid na ontbinding arbeidsovereenkomst
Appellant was sinds 1995 in dienst bij Amco Papierverwerking B.V. Na verstoorde arbeidsverhoudingen en meerdere ziekteperiodes, werd de arbeidsovereenkomst op verzoek van de werkgever ontbonden door de kantonrechter. Appellant vroeg vervolgens een WW-uitkering aan, die door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) werd geweigerd wegens verwijtbare werkloosheid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat appellant zich bewust had moeten zijn van de gevolgen van zijn gedrag, waaronder het niet naleven van ziektewetvoorschriften en conflicten op het werk. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij niet kon voorzien dat zijn gedragingen tot ontslag zouden leiden en dat hij arbeidsongeschikt was door psychische problemen.
De Raad overweegt dat de feiten en omstandigheden, waaronder de spanningen met leidinggevenden en collega’s en het inschakelen van een mediator, voldoende steun bieden voor het oordeel dat appellant verwijtbaar werkloos is geworden. De psychische problematiek van appellant wordt niet als voldoende onderbouwd gezien om verwijtbaarheid te verminderen. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de geweigerde WW-uitkering blijft gehandhaafd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid.