ECLI:NL:CRVB:2005:AT5204
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- H.G. Rottier
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Overname betalingsverplichting failliete werkgever niet beperkt tot zes weken
Werknemer, ouder dan 45 jaar, verzocht het UWV om de betalingsverplichting van zijn failliet verklaarde werkgever over te nemen conform Hoofdstuk IV van de Werkloosheidswet (WW). Het UWV beperkte deze overname tot maximaal zes weken, verwijzend naar artikel 64, aanhef en onder b, van de WW en artikel 40 van Pro de Faillissementswet (Fw).
De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat artikel XXI van de Wet Flexibiliteit en zekerheid een overgangsregeling bevat die oudere werknemers beschermt door een langere opzegtermijn te behouden. Deze regeling moet ook worden betrokken bij de door de curator in acht te nemen opzegtermijn en bij de uitleg van artikel 64 van Pro de WW in samenhang met artikel 40 van Pro de Fw.
Het UWV's standpunt dat de overname beperkt is tot zes weken werd verworpen omdat de wetgever geen aanwijzing gaf om artikel XXI buiten toepassing te laten bij faillissementen. De Raad vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat het UWV een nieuwe beslissing moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten en het betaalde griffierecht aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het UWV heeft ten onrechte de overname van de betalingsverplichting van de failliete werkgever gemaximeerd op zes weken; de zaak wordt vernietigd en terugverwezen.