ECLI:NL:CRVB:2005:AT5406
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering en terugvordering wegens niet gemelde handelsactiviteiten
Appellant ontving vanaf april 1997 een bijstandsuitkering. Gedaagde beëindigde deze uitkering per september 1999 vanwege werkaanvaarding en trok het recht op bijstand in over eerdere periodes wegens niet gemelde zelfstandige werkzaamheden in de autohandel.
Een onderzoek van de sociale recherche bevestigde dat appellant circa 35 auto's exporteerde naar Bosnië zonder dit aan gedaagde te melden. Appellant stelde dat hij dit deed als vriend en zonder inkomsten, ondersteund door verklaringen uit Bosnië en een strafrechterlijk vonnis dat geen inkomsten aantoonde.
De Raad oordeelde dat appellant zijn inlichtingenplicht schond door deze activiteiten niet te melden, waardoor niet kon worden vastgesteld of hij recht had op bijstand. De bestuursrechter is niet gebonden aan het strafrechterlijk oordeel. Gedaagde handelde terecht en was verplicht de bijstand terug te vorderen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering en terugvordering van kosten worden bevestigd wegens niet gemelde handelsactiviteiten.