ECLI:NL:CRVB:2005:AT5483
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende heroverweging bezwaar
Appellant had bezwaar gemaakt tegen de weigering van een WAO-uitkering door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv). Na een eerdere afwijzing en een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, trok het Uwv het oorspronkelijke besluit in en nam een nieuw besluit op 25 februari 2005. Dit nieuwe besluit kwam echter niet tegemoet aan het bezwaar van appellant omdat het geen volledige heroverweging van het primaire besluit bevatte.
De Raad overwoog dat volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bezwaar tegen een primair besluit met één besluit moet worden behandeld, waarbij een volledige heroverweging en een deugdelijke motivering vereist zijn. Het besluit van 25 februari 2005 voldeed hier niet aan, omdat het slechts het eerdere besluit herroept zonder een nieuwe beslissing op de aanvraag te nemen.
Daarom vernietigde de Raad het besluit en beval dat het Uwv een nieuw besluit op bezwaar neemt met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellant vergoed en werd het Uwv veroordeeld in de proceskosten van appellant in eerste aanleg en hoger beroep.
Uitkomst: Het besluit van 25 februari 2005 wordt vernietigd en het Uwv moet een nieuw besluit op bezwaar nemen.