ECLI:NL:CRVB:2005:AT5578
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- J.Th. Wolleswinkel
- J.L.P.G. van Thiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag ambtenaar wegens ernstig plichtsverzuim na geweldsincident
Gedaagde, werkzaam als trambestuurder bij het GVB Amsterdam, werd geconfronteerd met het feit dat zijn echtgenote een relatie had met een collega. Na waarschuwingen over zijn gedrag en het weigeren van overplaatsing, heeft gedaagde op 2 juli 2002 zijn echtgenote geslagen. De rechtbank oordeelde dat er sprake was van plichtsverzuim maar achtte het ontslag onevenredig en bepleitte een voorwaardelijke straf met overplaatsing.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel dat gedaagde zich schuldig heeft gemaakt aan plichtsverzuim en geweld. De Raad acht de situatie niet uitzonderlijk genoeg om het gedrag te rechtvaardigen en wijst op eerdere waarschuwingen en aangeboden begeleiding die gedaagde niet heeft opgevolgd.
Daarom wordt het ontslag als een passende en niet onevenredige sanctie gezien. Het hoger beroep van het College van burgemeester en wethouders wordt gegrond verklaard, de eerdere uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van gedaagde ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het ontslag van de ambtenaar wordt bevestigd als niet onevenredig aan het gepleegde plichtsverzuim.