ECLI:NL:CRVB:2005:AT7009
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.C.F. Talman
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag buitengewoon pensioen wegens onvoldoende bewijs verzetsdeelname vader
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een buitengewoon pensioen op grond van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945, stellende psychisch letsel te hebben opgelopen door het verzetswerk van zijn vader tijdens de Tweede Wereldoorlog.
De Stichting 1940-1945 heeft een uitgebreid onderzoek verricht en verklaard dat de vader van eiser niet heeft deelgenomen aan het verzet zoals bedoeld in de wet. Het onderzoek wees uit dat de vader slechts korte tijd onderduikers heeft geholpen en een enkele handeling heeft verricht die niet als verzetsdaad kwalificeert.
De Raad oordeelt dat de hulp aan onderduikers weliswaar als verzetsactiviteit kan worden beschouwd, maar gelet op de beperkte duur en omvang niet voldoet aan het vereiste niveau van verzet. Daarnaast is het door eiser aangevoerde grotere verzetswerk niet aannemelijk gemaakt.
Daarom is het beroep van eiser ongegrond verklaard en is het besluit van verweerster om de aanvraag af te wijzen terecht. Er is geen grond om af te wijken van de verklaring van de Stichting of om toepassing te geven aan het Besluit.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs van verzetsdeelname van zijn vader.