ECLI:NL:CRVB:2005:AT7315
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit benoeming bureauchef ICC wegens mandaatfout en bevestiging rechtspositie
Appellant was sinds 1993 werkzaam in functies gewaardeerd in salarisschaal 9 en werd in 2001 benoemd tot bureauchef ICC, waarbij zijn rechtspositie ongewijzigd bleef. Hij stelde dat hij aanspraak had op een hogere salarisschaal 10, mede vanwege een intern formatieplan waarin deze schaal vermeld stond.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het vertrouwensbeginsel niet was geschonden en dat appellant een functieonderhoud kon aanvragen. In hoger beroep stelde appellant dat het besluit onrechtmatig was genomen omdat het mandaat niet correct was verleend.
De Raad oordeelde dat het besluit inderdaad in strijd was met artikel 10:3, derde lid, Awb, omdat het in mandaat was genomen door een onbevoegde, waardoor het besluit en de uitspraak van de rechtbank vernietigd moesten worden. Desondanks kon de inhoudelijke toetsing van het besluit standhouden, zodat de rechtsgevolgen in stand bleven.
De Raad veroordeelde de politieregio Limburg Zuid tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot benoeming in de functie bureauchef ICC wordt vernietigd wegens mandaatfout, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.