ECLI:NL:CRVB:2005:AT9102
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit Sociale Verzekeringsbank over AOW-toekenning wegens onvoldoende onderzoek partnerverzekering
Appellant, geboren in 1936, ontving een volledig ouderdomspensioen voor gehuwden met een toeslag van 36% van de maximale toeslag. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) paste een korting toe op de toeslag omdat zij aannam dat de partner van appellant, geboren in 1953 en van Chinese nationaliteit, niet verzekerd was geweest krachtens de AOW vanaf haar 15e tot de 65e verjaardag van appellant.
Appellant stelde dat de SVB onvoldoende onderzoek had gedaan naar de verzekeringsstatus van zijn partner, die sinds begin jaren negentig in Nederland verbleef als vluchteling en meerdere verblijfsaanvragen had gedaan. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, onder meer vanwege het dwingendrechtelijke karakter van de AOW en het ontbreken van een verblijfsvergunning tot oktober 2001.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de SVB niet voldoende heeft onderzocht of en hoe lang de partner als ingezetene en verzekerde krachtens de AOW kan worden aangemerkt, ondanks aanwijzingen dat zij sinds 1991/1992 in Nederland verbleef met een voorlopige verblijfsvergunning. Dit onderzoek is essentieel om de juiste toeslag vast te stellen.
Daarom vernietigt de Raad het bestreden besluit en het vonnis van de rechtbank, en beveelt de SVB een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van de juiste feiten en omstandigheden. Tevens veroordeelt de Raad de SVB tot betaling van de proceskosten en vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: Het besluit van de Sociale Verzekeringsbank wordt vernietigd wegens onvoldoende onderzoek naar de verzekeringsstatus van de partner en de SVB wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.