ECLI:NL:CRVB:2005:AT9164
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling en rentevergoeding na intrekking hoger beroep in WAO-zaak
In deze zaak heeft verzoeker het hoger beroep ingetrokken nadat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) aan zijn verzoek was tegemoetgekomen. Verzoeker vorderde vergoeding van proceskosten en wettelijke rente over de na te betalen uitkering.
De Raad heeft het onderzoek zonder zitting gesloten vanwege de toestemming van partijen. Gezien het intrekken van het hoger beroep en de tegemoetkoming van het UWV, veroordeelde de Raad het UWV op grond van de Algemene wet bestuursrecht tot vergoeding van de proceskosten en de wettelijke rente.
De proceskosten werden begroot op €1.127,-, verdeeld over kosten in eerste aanleg en hoger beroep. Voor de berekening van de rente verwees de Raad naar eerdere jurisprudentie. Daarnaast wees de Raad erop dat verzoeker zich voor vergoeding van griffierecht rechtstreeks tot het UWV kan wenden.
De uitspraak is definitief en uitgesproken door M.M. van der Kade in aanwezigheid van griffier S. Sweep op 8 juli 2005.
Uitkomst: Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en proceskosten van €1.127,- aan verzoeker.