ECLI:NL:CRVB:2005:AT9326
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen strafontslag wegens niet-naleving woonverplichting brandweer
Verzoeker was sinds 1 september 2002 in dienst bij de brandweer en had een woonverplichting om binnen twee jaar binnen de gemeentegrenzen te wonen. Ondanks ziekteperiode van oktober 2003 tot februari 2004 was verzoeker daarna in staat te verhuizen, maar heeft hij dit niet gedaan. Gedaagde heeft daarom een disciplinaire maatregel van ontslag opgelegd.
Verzoeker stelde dat hij tijdig om uitstel had gevraagd en dat het ontslag onevenredig was, mede vanwege zijn ziekte en financiële situatie. Ook voerde hij een schending van het gelijkheidsbeginsel aan omdat collega’s zonder woonverplichting buiten de gemeentegrenzen wonen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeker geen formeel uitstelverzoek had ingediend en dat de woonverplichting terecht was opgelegd. Het gelijkheidsbeginsel werd niet geschonden omdat de situatie van de collega’s niet vergelijkbaar was. Het ontslag was niet onevenredig gezien het belang van paraatheid van de brandweer. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het ontslag wegens niet-naleving van de woonverplichting wordt afgewezen.