ECLI:NL:CRVB:2005:AU0015
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen weigering WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid met long- en psychische klachten
Gedaagde, die sinds haar jeugd lijdt aan astma en bronchiale hyperreactiviteit, kreeg aanvankelijk een AAW-uitkering toegekend, die in 1994 werd ingetrokken. Na diverse werkzaamheden vroeg zij in 1998 een WAO-uitkering aan wegens arbeidsongeschiktheid. Een verzekeringsarts stelde een belastbaarheidspatroon vast en selecteerde functies waarop de arbeidsongeschiktheid minder dan 15% werd berekend. Het UWV weigerde de WAO-uitkering.
De rechtbank vernietigde dit besluit op basis van een rapport van een door haar benoemde arts die gedaagde aanzienlijk meer beperkingen toedichtte, met name psychische beperkingen die volledige arbeidsongeschiktheid zouden veroorzaken. Het UWV voerde hoger beroep en overlegde een rapport van een bezwaarverzekeringsarts die de conclusies van de rechtbank weerlegde.
De Centrale Raad van Beroep liet een onafhankelijke psychiater onderzoeken die concludeerde dat gedaagde lichte angst- en depressieve klachten vertoonde en waarschijnlijk in staat was de geselecteerde functies te verrichten. De Raad achtte de medische en arbeidskundige onderbouwing van het bestreden besluit voldoende en vernietigde de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep werd gegrond verklaard en het inleidend beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep van het UWV wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot weigering van de WAO-uitkering wordt bevestigd.