ECLI:NL:CRVB:2005:AU0248
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herziening bijstandsrecht wegens onvoldoende bewijs werkzaamheden en misbruik persoonsgegevens
Appellant ontving vanaf maart 1998 bijstand en werd door de gemeente Amsterdam geconfronteerd met een besluit tot herziening van zijn bijstandsrecht en een boete wegens het niet melden van werkzaamheden in juli-augustus 1999. De gemeente baseerde dit op gegevens van de belastingdienst die appellant zou hebben gewerkt voor een werkgever.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij niet had gewerkt en dat er sprake was van misbruik van zijn persoonsgegevens. Hij overlegde verklaringen van Vluchtelingenwerk Amsterdam, een dierenarts en bankafschriften die aantonen dat hij in die periode niet voltijds heeft gewerkt maar stage liep en financiële transacties verrichtte.
De Raad concludeerde dat de beschikbare gegevens onvoldoende zijn om te veronderstellen dat appellant de werkzaamheden heeft verricht. Daarom vernietigde de Raad het bestreden besluit en de eerdere besluiten tot herziening en boete. Tevens veroordeelde de Raad de gemeente tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit en eerdere besluiten worden vernietigd en herroepen wegens onvoldoende bewijs van werkzaamheden en misbruik van persoonsgegevens.