ECLI:NL:CRVB:2005:AU0652
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. ’t Hooft
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag woonvoorziening voor slaapkamer op begane grond wegens onvoldoende medische noodzaak
Appellant, rolstoelafhankelijk door osteogenesis imperfecta, vroeg een tegemoetkoming voor aanpassingen in een nieuw te bouwen woning, waaronder een slaapkamer op de begane grond voor zijn gehandicapte dochter. De gemeente Wijchen kende een financiële tegemoetkoming toe voor noodzakelijke aanpassingen, maar wees de kosten voor de slaapkamer op de begane grond af.
De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen deze afwijzing ongegrond, waarbij werd vastgesteld dat het gemeentelijk beleid geen vergoeding voor woningverruiming bij nieuwbouw verstrekt, omdat binnen de normale woningomvang aanpasbaar gebouwd kan worden. Appellant stelde in hoger beroep dat verhuizing naar een ruimere woning medisch noodzakelijk was en dat de meerkosten daarom vergoed moesten worden.
De Raad overwoog dat aanspraak op woonvoorzieningen slechts bestaat voor de goedkoopste adequate voorziening die de ergonomische beperkingen opheft of vermindert. De medische adviezen toonden niet aan dat een slaapkamer op de begane grond noodzakelijk was, mede omdat een plateaulift was toegekend en de bovenverdieping voldoende ruimte bood. Het gemeentelijk beleid is niet in strijd met het recht. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen.
De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De aanvraag voor vergoeding van meerkosten voor een slaapkamer op de begane grond wordt afgewezen wegens het ontbreken van medische noodzaak.