ECLI:NL:CRVB:2005:AU2738
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.C. Bruning
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Onterecht geweigerde WAO-uitkering wegens onderschatting psychische beperkingen directeur-grootaandeelhouder
Appellant, directeur-grootaandeelhouder van een drukkerij, meldde zich ziek met rug-, knie- en voetklachten. Na een beoordeling door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige werd geconcludeerd dat hij geschikt was voor zijn functie en werd de WAO-uitkering geweigerd. Appellant stelde dat zijn psychische klachten onvoldoende waren meegewogen en overlegde medische rapporten ter onderbouwing.
De Raad liet een onafhankelijke psychiater, M. Kazemier, onderzoek doen, die concludeerde dat appellant vanwege emotionele problematiek en een ontwijkende persoonlijkheidstoornis niet in staat was zijn functie uit te oefenen. De Raad volgde dit oordeel en oordeelde dat het bestreden besluit onrechtmatig was.
De uitspraak vernietigt het eerdere besluit en draagt het UWV op een nieuwe beslissing te nemen, rekening houdend met de psychische beperkingen. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot vergoeding van proceskosten en betaalde leges.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de WAO-uitkering wordt vernietigd en het UWV moet een nieuwe beslissing nemen rekening houdend met de psychische beperkingen van appellant.