ECLI:NL:CRVB:2005:AU3105
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- J. Riphagen
- R.P.Th. Elshoff
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid na niet hervatten reachtruckchauffeurwerk
Appellant was werkzaam bij DLS Logistics BV en verrichtte onder meer werk als reachtruckchauffeur. Na ziekmelding wegens rugklachten werd hij door een bedrijfsarts geschikt verklaard voor zijn werkzaamheden, waaronder reachtruckchauffeur. Op 28 januari 2002 hervatte hij dit werk, maar staakte het dezelfde dag weer. Een second opinion door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige concludeerde dat het werk medisch geschikt was voor appellant.
Ondanks deze bevindingen hervatte appellant het werk niet. De werkgever vroeg daarop een ontslagvergunning aan bij het CWI, die werd verleend, waarna de arbeidsovereenkomst per 21 juni 2002 werd beëindigd. Gedaagde weigerde de WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid omdat appellant had kunnen verwachten dat het niet hervatten van passend werk tot ontslag zou leiden.
Appellant voerde aan dat het werk te zwaar was en dat het ontslag onterecht was, mede vanwege getuigschriften en onvoldoende benutting van reïntegratiemogelijkheden. De rechtbank en de Raad oordeelden dat appellant onvoldoende medische onderbouwing leverde voor zijn stellingen en dat er geen aanwijzingen waren voor verminderde verwijtbaarheid of andere omstandigheden die een maatregel zouden uitsluiten.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het ontslag door bedrijfs-economische redenen was veroorzaakt, en wees de vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid.