ECLI:NL:CRVB:2005:AU3592
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ziektewetuitkering wegens voortzetting dienstverband arbeidsgehandicapte
Appellante stelde dat haar werknemer, arbeidsgehandicapte, per 3 januari 2000 een nieuw dienstverband is aangegaan vanwege functiewijziging en uitbreiding van uren, waardoor recht op Ziektewetuitkering zou ontstaan. De Raad onderzocht of sprake was van een voortzetting van het dienstverband vanaf 12 september 1994 of van een nieuw dienstverband per 3 januari 2000.
De Raad concludeerde dat appellante onvoldoende bewijs leverde voor het bestaan van een nieuw dienstverband. De uitbreiding van uren en functiewijziging waren onvoldoende om te spreken van een nieuw dienstverband. De gegevens uit het Gemeenschappelijk Verzekerden Informatiesysteem toonden aan dat het dienstverband ononderbroken was voortgezet.
Daarom was de weigering van de Ziektewetuitkering door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen terecht, omdat niet aan de voorwaarden van artikel 29b ZW was voldaan. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de Ziektewetuitkering bevestigd.