ECLI:NL:CRVB:2005:AU4222
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor aanschaf laminaat wegens voorliggende voorziening geldlening
Appellant vroeg bijzondere bijstand aan voor de aanschaf van laminaat en een ondervloer ter vervanging van vloerbedekking in de woonkamer, met een kostenopgave van €688. Deze aanvraag werd door het College van burgemeester en wethouders van Maastricht afgewezen omdat appellant een beroep kan doen op een voorliggende voorziening, namelijk een geldlening bij de Gemeentelijke Kredietbank (GKB).
Appellant voerde aan dat hij vanwege bestaande schulden en eerdere terugbetalingen geen krediet zou kunnen krijgen en dat deze schulden bij de gemeente bekend waren, maar dat dit niet was meegenomen. De Raad stelde echter vast dat de gemeente alle relevante gegevens had doorgegeven aan de Kredietbank en dat appellant zijn stellingen niet met objectieve gegevens had onderbouwd.
De Raad oordeelde dat de kredietmogelijkheid bij de Kredietbank Limburg passend en toereikend is voor de kosten. Er was geen sprake van een noodsituatie die bijzondere bijstand zou rechtvaardigen. Ook het beroep op categoriale bijstandsverlening faalde omdat eerst de voorliggende voorziening moet zijn uitgeput.
Daarom bevestigde de Centrale Raad van Beroep het eerdere besluit en wees de aanvraag af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De aanvraag voor bijzondere bijstand wordt afgewezen omdat appellant gebruik kan maken van een passende en toereikende geldlening bij de Kredietbank Limburg.