ECLI:NL:CRVB:2005:AU4234
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens verzwegen inkomsten uit verkoop daklozenkrant en bijlessen
Appellant ontving bijstand van de gemeente Amsterdam en verzweeg gedurende meerdere jaren inkomsten uit de verkoop van daklozenkranten en het geven van bijlessen. Naar aanleiding van een anonieme tip startte de sociale recherche een onderzoek waaruit bleek dat appellant deze werkzaamheden uitvoerde zonder dit aan de gemeente te melden.
De gemeente herzag het recht op bijstand en vorderde de kosten terug. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde. In hoger beroep werd overwogen dat appellant de inlichtingenplicht niet was nagekomen, waardoor niet kon worden vastgesteld of hij recht had op bijstand in de betreffende perioden.
De Raad vernietigde het besluit voor de periode december 1999 tot en met december 2000 wegens vervanging van de feitelijke grondslag zonder juiste procedure, maar bevestigde dat de rechtsgevolgen in stand konden blijven. De intrekking en terugvordering werden gegrond verklaard voor de perioden maart 1998 tot september 1998 en november 1999 tot december 2000. De gemeente werd veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit gedeeltelijk vernietigd, maar de intrekking en terugvordering van bijstand blijven in stand.