ECLI:NL:CRVB:2005:AU5340
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag erkenning als burgeroorlogsgetroffene wegens onvoldoende bewijs oorlogsgeweld
Eiseres, geboren in 1936 in het voormalige Nederlands-Indië, vroeg om erkenning als burgeroorlogsgetroffene op grond van gezondheidsklachten die zij verbindt aan haar ervaringen tijdens de Japanse bezetting en de Bersiapperiode. Zij stelde dat zij en haar familie onder bedreiging en geweld uit huis werden gehaald en onvrijwillig in opvangkampen werden geplaatst, waar zij slecht werden behandeld.
Verweerster wees de aanvraag af omdat onvoldoende bewijs was geleverd dat eiseres daadwerkelijk door oorlogsgeweld was getroffen zoals bedoeld in artikel 2 van Pro de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945. Het verblijf in de kampen Betek en Soemberwaras werd niet als een maatregel van de vijandelijke bezettende macht beschouwd, aangezien deze kampen dienden als opvanglocaties zonder permanente bewaking.
De Raad concludeerde dat de aangevoerde omstandigheden onvoldoende waren om tot erkenning te komen en bevestigde het bestreden besluit. Wel werd erkend dat eiseres onder zware omstandigheden heeft moeten leven, maar de wettelijke criteria voor erkenning waren niet vervuld. De Raad wees ook een vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag tot erkenning als burgeroorlogsgetroffene wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van oorlogsgeweld.