ECLI:NL:CRVB:2005:AU5811
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herbeoordeling WAO-uitkering na vijf jaar met aangepaste belastbaarheid
Appellant, werkzaam als inpakker, viel in november 1993 uit wegens rugklachten en kreeg na een myocardinfarct in 1994 een WAO-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80 tot 100%.
Na een vijfdejaarsherbeoordeling in 2002 werd de uitkering herzien op basis van medisch en arbeidskundig onderzoek, waarbij een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) werd opgesteld en het verlies aan verdiencapaciteit werd berekend op ongeveer 57%. In bezwaar werd de FML aangepast, waardoor bepaalde functies vervielen, maar de mate van arbeidsongeschiktheid werd gehandhaafd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad achtte het bestreden besluit op een juiste medische grondslag berust en vond onvoldoende bewijs dat appellant volledig arbeidsongeschikt is. De Raad concludeerde dat appellant met inachtneming van zijn functionele mogelijkheden in staat is tot het verrichten van de geduide functies, en wees het beroep af.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 55-65% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd en het hoger beroep wordt afgewezen.