ECLI:NL:CRVB:2005:AU6881
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet tijdig betalen griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Arnhem waarin zijn beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht. De rechtbank oordeelde dat appellant niet in verzuimvrijstelling kon worden gesteld omdat hij geen geldige reden had opgegeven.
In het hoger beroep stelde appellant dat hij het griffierecht niet kon betalen vanwege zijn financiële situatie. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat deze stelling onvoldoende was onderbouwd en dat appellant bovendien niet had gereageerd op eerdere brieven van de rechtbank en niet was verschenen bij de zitting.
De Raad bevestigde daarom de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep en zag geen aanleiding om op grond van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht hiervan af te wijken. De uitspraak werd in het openbaar gewezen op 16 november 2005.
Uitkomst: Hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdig betaald griffierecht zonder geldige reden.