ECLI:NL:CRVB:2005:AU6993
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens niet-naleving inlichtingenplicht en voltijdstudie
Appellante, een muzikant met wisselende inkomsten, vroeg in 1999 bijstand aan en verklaarde een avondopleiding te volgen, waardoor zij overdag beschikbaar was voor de arbeidsmarkt. Na onderzoek bleek zij echter voltijdstudent aan het Conservatorium te zijn, hetgeen volgens de Algemene bijstandswet (Abw) het recht op bijstand uitsluit.
De gemeente trok de bijstand met terugwerkende kracht in vanaf 4 september 2000 vanwege het niet tijdig en volledig verstrekken van informatie over haar studie. Appellante maakte bezwaar en startte een beroepsprocedure. De rechtbank verklaarde het beroep grotendeels ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep stelde vast dat de rechtbank een procedurefout maakte door een besluit na sluiting van het onderzoek mee te wegen zonder heropening.
De Raad vernietigde het vonnis, verklaarde het beroep tegen het latere besluit gegrond en oordeelde dat appellante haar inlichtingenplicht had geschonden. Het vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel werden niet geschonden door de gemeente. De intrekking van de bijstand was terecht, en appellante had geen recht op bijstand gedurende haar voltijdstudie.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering met terugwerkende kracht vanaf 4 september 2000 is terecht verklaard.