ECLI:NL:CRVB:2005:AU7768
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijzondere bijstand voor aflossing belastingschuld wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellant heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de aflossing van een gemeentelijke belastingschuld over de jaren 1996 tot en met 1998. De gemeente Emmen wees dit verzoek af omdat de kosten niet werden beschouwd als uit bijzondere omstandigheden voortvloeiende noodzakelijke kosten van het bestaan, zoals bedoeld in artikel 39, eerste lid, van de Algemene bijstandswet (Abw).
De rechtbank Assen verklaarde het beroep van appellant ongegrond en overwoog dat de aanvraag betrekking had op schuldaflossing die op grond van artikel 15, eerste lid, van de Abw moest worden afgewezen, tenzij zeer dringende redenen aanwezig zijn. Appellant voerde aan dat hij ten onrechte als zelfstandige was aangemerkt, waardoor zijn uitkering stopte en belastingkwijtschelding niet werd toegekend. Dit leidde tot de belastingschuld.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant in de betrokken jaren beschikte over voldoende middelen om in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien en dat er geen zeer dringende redenen waren om af te wijken van artikel 15, eerste lid, Abw. De Raad bevestigde daarmee het besluit van de rechtbank en de gemeente om de bijzondere bijstand af te wijzen.
Uitkomst: De aanvraag bijzondere bijstand voor aflossing van de belastingschuld wordt afgewezen wegens ontbreken van bijzondere omstandigheden.