ECLI:NL:CRVB:2005:AU8557
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.H.M. Roelofs
- S.W. van Osch-Leysma
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering bijstandsuitkering wegens bezit motorboot en schending inlichtingenplicht
Gedaagden ontvingen sinds 1986 een bijstandsuitkering. Naar aanleiding van een anonieme tip over het bezit van een motorboot door gedaagde 1, voerde de gemeente Kerkrade een onderzoek uit. Dit leidde tot de conclusie dat gedaagden beschikten over meer vermogen dan de geldende vermogensgrens, met name door het bezit van een motorboot ter waarde van €13.613,40, waarvan geen opgave was gedaan.
De gemeente herzag het recht op bijstand over de periode 1 april 2000 tot en met 31 mei 2001 en vorderde de ten onrechte ontvangen bijstand terug. De rechtbank verklaarde het bezwaar van gedaagden gegrond en vernietigde het besluit, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en verklaart het beroep ongegrond.
De Raad stelt vast dat gedaagden niet hebben kunnen aantonen dat de motorboot niet tot hun vermogen behoorde. De onderzoeksresultaten, waaronder verklaringen van de verkoper, havenmeester en verzekeringsgegevens, wijzen erop dat gedaagde 1 de motorboot bezit of redelijkerwijs kan beschikken. Gedaagden hebben geen objectieve, verifieerbare gegevens geleverd die hun stellingen ondersteunen.
De Raad concludeert dat de herziening en terugvordering van de bijstand terecht zijn en dat de gemeente niet verplicht is tot nader onderzoek. Er zijn geen dringende redenen om van herziening af te zien. De Raad wijst het beroep af en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van gedaagden wordt ongegrond verklaard en de herziening en terugvordering van de bijstand zijn terecht.