ECLI:NL:CRVB:2006:AU9326
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herziening WAO-uitkering wegens whiplash en passende functies
Gedaagde, een zelfstandig boekhoudster geboren in 1944, staakte haar werkzaamheden gedeeltelijk in 1996 vanwege whiplashklachten. Na een auto-ongeval werd haar WAO-uitkering verhoogd tot 80-100% arbeidsongeschiktheid. Later werd deze herzien naar 25-35% met passende functies vastgesteld. De rechtbank oordeelde dat de bezwaararbeidsdeskundige onvoldoende had gemotiveerd waarom bepaalde functies passend waren ondanks psychische overschrijdingen.
Appellant, het UWV, ging in hoger beroep tegen deze uitspraak en stelde dat de functies wel passend waren. De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat de medische beoordeling onbetwist was, maar dat functies zoals parkeercontroleur en gastvrouw-suppoost niet passend waren vanwege tijdsdruk, autorijden en wisselende diensten. Tevens was het maatmaninkomen niet correct geïndexeerd.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Appellant werd veroordeeld tot proceskosten en griffierecht geheven. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige motivering bij het vaststellen van passende functies en het correct toepassen van loonindexering bij WAO-herzieningen.
Uitkomst: Het hoger beroep van het UWV wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.