ECLI:NL:CRVB:2006:AU9628
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schorsing, berisping en overplaatsing controlemedewerker Belastingdienst wegens belangenverstrengeling
Appellant, werkzaam als controlemedewerker bij de Belastingdienst, werd op 16 oktober 2001 aangehouden op verdenking van valsheid in geschrifte en ambtsmisdrijf in een omvangrijk FIOD-onderzoek naar BTW-fraude. Hij werd geschorst op grond van artikel 90 ARAR Pro wegens vrijheidsberoving en vervolgens op grond van artikel 91 ARAR Pro in het belang van de dienst.
Bij besluit van 11 februari 2003 kreeg appellant een disciplinaire berisping opgelegd wegens belangenverstrengeling: hij had ondanks waarschuwingen een belastingplichtige ondernemer laten bemiddelen bij de aankoop van een auto voor zijn zoon en reparaties laten uitvoeren door een onderneming waarin deze ondernemer zeggenschap had. Tevens werd appellant overgeplaatst naar een kantoorfunctie in Heerlen.
De Raad onderschouwde het oordeel van de rechtbank dat de schorsing zorgvuldig was afgewogen en dat de belangen van de dienst zwaarder wogen dan appellants belangen. De Raad verwierp het standpunt dat een minder ingrijpende maatregel had moeten worden genomen. Ook de berisping en overplaatsing werden als terecht en proportioneel beoordeeld, waarbij werd meegewogen dat appellant zich niet als een goed ambtenaar had gedragen en dat zijn positie onhoudbaar was geworden.
Het hoger beroep van appellant werd afgewezen en de aangevallen uitspraken bevestigd. De Raad zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de schorsing, berisping en overplaatsing van appellant wegens belangenverstrengeling en plichtsverzuim.