ECLI:NL:CRVB:2006:AV0139
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt besluit UWV over arbeidsongeschiktheid en toewijst schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn
Appellant, die in Nederland werkte en na uitzetting naar Marokko psychische klachten ontwikkelde, werd door het UWV geweigerd arbeidsongeschiktheidsuitkeringen toe te kennen per einde wachttijd 11 december 1992. Het bezwaar werd ongegrond verklaard en de rechtbank handhaafde dit besluit. In hoger beroep stelde appellant dat de medische rapporten uit Marokko wel degelijk beperkingen aantoonden, in tegenstelling tot het Nederlandse medisch onderzoek uit 1999, dat slechts de gezondheidssituatie op dat moment beoordeelde.
De Raad constateerde dat het UWV ten onrechte aannam dat er geen medische beperkingen waren per einde wachttijd en dat het arbeidskundig onderzoek onterecht was achterwege gelaten. Tevens oordeelde de Raad dat de procedure omtrent het bezwaar en hoger beroep ongeveer vijf jaar duurde, wat een overschrijding van de redelijke termijn volgens artikel 6 EVRM Pro betekende. Hierdoor werd appellant in zijn recht op een snelle berechting geschaad.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit op bezwaar moet nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens werd het UWV veroordeeld tot een immateriële schadevergoeding van € 500,- wegens de termijnoverschrijding en tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van appellant.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd en appellant krijgt een schadevergoeding van € 500,- wegens overschrijding van de redelijke termijn.