ECLI:NL:CRVB:2006:AV0728
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid na medisch onderzoek
Appellante, werkzaam als keukenassistente, kreeg haar WAO-uitkering ingetrokken per 15 januari 2003 omdat haar arbeidsongeschiktheid volgens het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) minder dan 15% bedroeg. Na bezwaar en beroep werd dit besluit door de rechtbank Dordrecht en vervolgens door de Centrale Raad van Beroep bevestigd.
De medische beoordeling berustte op onderzoeken door verzekeringsarts Goedhard en zenuwarts Colon, die stelden dat de klachten van appellante niet herleidbaar waren tot aantoonbare somatische stoornissen, behalve een lichte resttoestand na een CVA. De arbeidsdeskundige Vlaander concludeerde dat appellante slechts beperkt arbeidsongeschikt was, met een verlies aan verdiencapaciteit van 6,32%.
Appellante voerde aan dat haar beperkingen onjuist waren vastgesteld en dat er onvoldoende rekening was gehouden met haar behandeling door acupuncturist Westerman, die posttraumatische dystrofie behandelde. De Raad oordeelde echter dat deze behandeling niet tot de reguliere geneeskunde behoort en dat de deskundigheid van Colon ten aanzien van dystrofie adequaat was. De aanvullende medische stukken boden geen aanleiding tot het herzien van het besluit.
De Raad concludeerde dat het bestreden besluit rechtmatig is genomen en bevestigde de eerdere uitspraak. Er werd geen aanleiding gezien om een partij in de proceskosten te veroordelen.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.