ECLI:NL:CRVB:2006:AV1648
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening arbeidsongeschiktheidspercentage na herbeoordeling WAO
Appellant was voltijds werkzaam als accountmanager totdat hij op 4 mei 1998 uitviel met hart- en psychische klachten. Na diverse medische en arbeidskundige onderzoeken stelde het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) de mate van arbeidsongeschiktheid vast op 45-55%, later herzien naar 55-65% per einde wachttijd.
Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, waarvan het bezwaar tegen de herziening (bestreden besluit I) gegrond werd verklaard en het bezwaar tegen de eerstejaars herbeoordeling (bestreden besluit II) ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep tegen bestreden besluit I ongegrond en nam de grieven tegen besluit II niet in behandeling wegens te late indiening.
In hoger beroep betoogde appellant dat de rechtbank ten onrechte de grieven tegen besluit II niet had meegenomen en dat het medisch onderzoek ondeugdelijk was. De Raad oordeelde dat het beroep tegen besluit II niet tijdig was ingediend en dat er geen sprake was van verschoonbaar verzuim. Daarnaast vond de Raad het medisch onderzoek zorgvuldig en voldoende onderbouwd, waarbij het rapport van de bezwaarverzekeringsarts leidend was.
De arbeidskundige beoordeling werd eveneens als juist beoordeeld, ondanks enkele onjuistheden in het maatmaninkomen en de geduide functies, die echter niet leidden tot een andere arbeidsongeschiktheidsklasse. De Raad bevestigde het bestreden besluit en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de indeling van appellant in de arbeidsongeschiktheidsklasse 55-65% en verklaart het hoger beroep ongegrond.