ECLI:NL:CRVB:2006:AV1728
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- C.P.J. Goorden
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling korting WW-uitkering wegens onvoldoende inspanning passende arbeid en belemmerende eisen
Gedaagde kreeg vanwege reorganisatie eervol ontslag en een WW-uitkering toegekend met ingang van 1 januari 2002. Appellant legde een korting van 20% op de uitkering op wegens onvoldoende inspanning passende arbeid te verkrijgen en wegens het stellen van eisen die het aanvaarden van passende arbeid belemmeren, specifiek het beëindigen van contacten met SGBO.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond voor het eerste deel, maar vernietigde het besluit voor het tweede deel wegens onvoldoende onderzoek door appellant naar de kansen bij SGBO. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel na bestudering van de feiten, waaronder een projectstartnotitie en communicatie over onduidelijkheid en onzekerheid over het project bij SGBO.
De Raad oordeelt dat gedaagde zich voldoende heeft ingespannen en dat het beëindigen van activiteiten niet zonder nader onderzoek als belemmerend kan worden aangemerkt. Appellant wordt veroordeeld in de proceskosten van gedaagde en het griffierecht wordt opgelegd aan appellant.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de maatregel wegens het stellen van eisen die het aanvaarden van passende arbeid belemmeren onterecht is en vernietigt dit deel van het besluit.