ECLI:NL:CRVB:2006:AV2055
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. ’t Hooft
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Beoordeling weigering tegemoetkomingen verhuis- en herinrichtingskosten en stalling driewielfiets
Appellante verzocht om tegemoetkomingen in de verhuis- en herinrichtingskosten en in de kosten van een overdekte stalling voor haar driewielfiets op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg) en de gemeentelijke Verordening voorzieningen gehandicapten Den Haag. Deze verzoeken werden door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Gravenhage afgewezen omdat niet was voldaan aan de criteria die onder meer vereisen dat verhuisd wordt naar een adequate woning en dat er een rechtstreeks verband bestaat tussen de stalling en het opheffen of verminderen van beperkingen door ziekte of gebrek.
De rechtbank ’s-Gravenhage bevestigde deze afwijzing en de Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel. De Raad verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is vastgesteld dat voor woonvoorzieningen een medisch noodzakelijke beperking moet bestaan die rechtstreeks verband houdt met bouwkundige of woontechnische kenmerken van de woning zelf. In deze zaak is dat niet het geval.
De grief van appellante dat de verhuisvergoeding sociaal gezien gerechtvaardigd zou zijn vanwege betere buitenspeelmogelijkheden en sociale contacten in de nieuwe woonomgeving wordt niet gehonoreerd. De Raad benadrukt dat het criterium van medische noodzaak leidend is en dat sociale omstandigheden daaraan niet afdoen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt daarom het bestreden besluit en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van tegemoetkomingen in verhuis- en herinrichtingskosten en stalling driewielfiets.