ECLI:NL:CRVB:2006:AV2476
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Loonsanctiebesluiten in strijd met de wet wegens onrechtmatige beleidsregels re-integratie
De zaak betreft hoger beroep van het UWV tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam die een loonsanctiebesluit vernietigde. De werkgever had een loondoorbetalingsverplichting opgelegd gekregen wegens het niet tijdig en volledig aanleveren van een re-integratieverslag.
Het UWV stelde dat de sanctie van minimaal vier maanden loondoorbetaling niet punitief maar reparatoir is en gebaseerd op een herstelperiode van een maand plus een wettelijke beslistermijn van dertien weken voor de WAO-beoordeling. De Raad concludeerde echter dat deze beleidsregel (artikel 5, tweede lid, van de Beleidsregels verlenging loondoorbetaling poortwachter) in strijd is met artikel 71a, negende lid, van de WAO, omdat deze geen rekening houdt met de feitelijke benodigde hersteltermijn.
De Raad oordeelde dat de sanctie niet buitenproportioneel moet zijn en dat administratieve tekortkomingen vaak sneller kunnen worden hersteld dan de vier maanden die de beleidsregel voorschrijft. Daarom is de beleidsregel onrechtmatig en kan deze geen grondslag vormen voor het besluit. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van de wederpartij.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het loonsanctiebesluit omdat de beleidsregel onrechtmatig is en veroordeelt het UWV in de proceskosten.