ECLI:NL:CRVB:2006:AV3917
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. ’t Hooft
- R.M. van Male
- A.Q.C. Tak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging kilometervergoeding en toekenning taxivergoeding aan arbeidsgehandicapte
Appellante, een arbeidsgehandicapte, verzocht om een kilometervergoeding voor woon-werkverkeer vanwege haar beperkte mobiliteit en slechte bereikbaarheid van de werkplek met openbaar vervoer. De aanvraag werd aanvankelijk toegekend met terugwerkende kracht, maar later beëindigd vanwege het inkomen van appellante dat boven de inkomensgrens lag.
De Raad stelde vast dat de regelgeving het niet toestaat om een kilometervergoeding toe te kennen aan personen met een inkomen boven de vastgestelde inkomensgrens. In plaats daarvan is een vergoeding voor taxikosten toegekend, onder de voorwaarde van overlegging van nota’s en aftrek van een normbedrag voor het gebruik van een eigen auto.
Appellante voerde aan dat taxivervoer duurder en onpraktisch is, en dat de eigen bijdrage disproportioneel is gezien haar inkomen. De Raad oordeelde echter dat de geldende wet- en regelgeving geen ruimte biedt voor een kilometervergoeding in deze situatie.
De Raad bevestigde het besluit van 4 juli 2003 dat de kilometervergoeding beëindigde en de taxivergoeding toekende, en wees het hoger beroep af. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad bevestigt de beëindiging van de kilometervergoeding en handhaaft de toekenning van taxivergoeding op declaratiebasis.