ECLI:NL:CRVB:2006:AV4234
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet-tijdige betaling griffierecht
De Centrale Raad van Beroep behandelde het verzet tegen de uitspraak waarbij het hoger beroep van opposant niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht. Opposant voerde aan dat zijn financiële situatie en de eigen bijdrage voor rechtsbijstand het onmogelijk maakten om het griffierecht binnen de termijn te voldoen.
Tijdens de zitting op 20 januari 2006, waar opposant werd vertegenwoordigd, werd betoogd dat ook het advocatenkantoor financieel niet in staat was om de griffierechten vooruit te betalen zonder zekerheid over de toevoeging. De Raad oordeelde echter dat dit geen voldoende grond vormde om het verzuim te rechtvaardigen, mede omdat opposant zich tijdig tot de Raad had kunnen wenden voor uitstel.
De Raad concludeerde dat het verzet ongegrond is en dat er geen gronden zijn om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Awb. Daarmee blijft de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep in stand.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en het hoger beroep blijft niet-ontvankelijk wegens niet-tijdige betaling van het griffierecht.