ECLI:NL:CRVB:2006:AV7816
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering ziekengeld wegens ongeschiktheid voor functies
Appellante werd na beëindiging van haar werk als baliemedewerkster arbeidsongeschikt wegens psychische klachten. Na afloop van de wachttijd werd zij niet toegelaten tot de WAO omdat zij geschikt werd geacht voor andere functies. Bij ziekmelding in mei 2000 werd haar echter geen ziekengeld toegekend omdat zij niet ongeschikt werd geacht voor die functies.
Een uitgebreid medisch onderzoek concludeerde dat appellante leed aan een aanpassingsstoornis met angstige en depressieve kenmerken, waardoor zij ernstig beperkt was in haar psychisch functioneren en geen van de voorgestelde functies kon vervullen. De Raad volgde deze conclusie en verwierp de tegenargumenten van het UWV.
De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard, maar de Centrale Raad vernietigt deze uitspraak en het bestreden besluit. Het UWV wordt veroordeeld tot het nemen van een nieuw besluit en tot vergoeding van de proceskosten van appellante, inclusief kosten van psychiatrische rapporten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van ziekengeld wordt vernietigd.