ECLI:NL:CRVB:2006:AW1563
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Verlenging loondoorbetalingsverplichting werkgever en terugvordering WAO-uitkering wegens niet tijdige ziekmelding
Appellant, werkzaam als straler/schilder, raakte door bedrijfsongevallen arbeidsongeschikt en ontving een WAO-uitkering. Het UWV stelde de mate van arbeidsongeschiktheid vast op 25-35%, later verhoogd naar 35-45% na aanvullend onderzoek. De werkgever had de ziekmelding te laat doorgegeven, waardoor de loondoorbetalingsverplichting werd verlengd. Het UWV vorderde onverschuldigd betaalde uitkeringen terug.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellant ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het teruggevorderde bedrag onjuist was berekend vanwege de gewijzigde arbeidsongeschiktheidsklasse. Daarom vernietigde de Raad het besluit tot terugvordering en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit moet nemen.
De Raad wees het beroep tegen de vaststelling van de arbeidsongeschiktheid af en verklaarde dat appellant geen belang meer had bij de beoordeling van het eerdere besluit. Tevens oordeelde de Raad dat geen dringende reden bestond om af te zien van terugvordering, ondanks de late ziekmelding en het voorstel tot cessie van de loonvordering.
De Raad veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het beroep tegen de vaststelling van arbeidsongeschiktheid wordt ongegrond verklaard, het besluit tot terugvordering wordt vernietigd en het UWV moet een nieuw besluit nemen.