ECLI:NL:CRVB:2006:AW4594
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.C. Bruning
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na beoordeling belastbaarheid en geschiktheid functies
Appellant, wegens een acute HIV-infectie arbeidsongeschikt verklaard, kreeg een WAO-uitkering toegekend met een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Na een eerste herbeoordeling door de verzekeringsarts, die een beperking tot vier uur arbeid per dag vaststelde, werd de uitkering herzien naar 65 tot 80% arbeidsongeschiktheid.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn klachten zoals stress, vermoeidheid en depressieve symptomen onvoldoende waren meegewogen en dat het medische onderzoek ontoereikend was. Hij verwees ook naar een gegrond verklaarde klacht over het medisch handelen van de verzekeringsarts.
De Raad oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundige onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de bezwaarverzekeringsartsen de beperkingen en belastbaarheid van appellant voldoende hadden gemotiveerd. De door appellant overgelegde medische verklaringen leidden niet tot een andere beoordeling. De arbeidskundige onderbouwing van de geschiktheid van functies werd eveneens bevestigd.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering van appellant naar 65 tot 80% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.