ECLI:NL:CRVB:2006:AX1527
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- A. Beuker-Tilstra
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Beoordeling weigering vaste aanstelling na tijdelijke dienst bij gemeente Enschede
Appellant was van maart 2001 tot juni 2003 werkzaam bij de gemeente Enschede, aanvankelijk als uitzendkracht, daarna met een tijdelijke aanstelling bij wijze van proef, verlengd tot juni 2003. Zijn functioneren werd beoordeeld als wisselend, met een eindbeoordeling die onvoldoende was voor een vaste aanstelling.
Het College besloot de tijdelijke aanstelling niet te verlengen vanwege onvoldoende functioneren, wat door de rechtbank werd bevestigd. Appellant stelde dat hem een vaste aanstelling was toegezegd en dat de beoordeling onzorgvuldig was, onder meer vanwege het niet betrekken van een informant en de rol van de tweede beoordelaar.
De Raad oordeelde dat geen toezegging tot vaste aanstelling was gedaan, dat de beoordelingsperiode correct was toegepast, en dat de wijze van beoordeling niet onzorgvuldig was. De Raad vond dat het College in redelijkheid tot zijn oordeel kon komen en bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de weigering van het College tot het verlenen van een vaste aanstelling wordt bevestigd.