ECLI:NL:CRVB:2006:AX3049
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Niet-verschoonbare termijnoverschrijding bij bezwaar tegen WAO-besluiten ondanks psychische klachten
Appellante maakte bezwaar tegen zes besluiten van het UWV over haar WAO-uitkering, maar diende haar bezwaarschrift te laat in. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond omdat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was. Appellante voerde psychische klachten aan als reden voor de te late indiening.
De rechtbank oordeelde dat appellante voldoende informatie had over de bezwaartermijn en dat het advies van medewerkers van het UWV om te wachten op een medisch onderzoek haar niet verhinderde om tijdig een voorlopig bezwaarschrift in te dienen. De psychische klachten waren onvoldoende onderbouwd om de termijnoverschrijding te rechtvaardigen.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. Uit getuigenverklaringen en medische verslagen bleek niet dat appellante gedurende de bezwaartermijn niet in staat was om bezwaar te maken. Ook was onduidelijk waarom zij pas kort voor de indiening contact opnam met haar gemachtigde. De Raad zag geen aanleiding om de uitspraak te wijzigen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de termijnoverschrijding bij het indienen van het bezwaarschrift niet verschoonbaar is en verklaart het hoger beroep ongegrond.